Tag: campagne

Nieuws uit de provincie

david werkt graag in de provincie

De troon van de Nederlandse reclamewereld staat al sinds mensenheugenis in Amsterdam. De grote reclamebureaus zitten nu eenmaal graag in de buurt van de grote bedrijven. Maar in een vakgebied waarin iconen onaantastbaar zijn en prijzen moeten bewijzen dat je goed werk maakt, wordt wel eens vergeten dat achter al dat creatieve geweld nog meer partijen goed bezig zijn.

De kleine(re) onafhankelijke bureaus!

En ze doen steeds meer van zich spreken. Sommigen van hen zijn zelfs al gearriveerd. Deze bureaus zijn in veel gevallen dissidenten van de grote bureaus of brutale ambitieuze apen uit de provinciale klei. Voor die aftakkingen van de grote bureaus geldt dat ze de juiste namen al op hun cv hebben staan. Dat maakt nieuwe klanten natuurlijk nieuwsgierig.

De brutale apen zijn daar hard mee bezig. Die zien zich gedwongen andere manieren te vinden om potentiële opdrachtgevers duidelijk te maken dat ze het overwegen waard zijn.

Dat is in Nederland het geval, maar net zo goed in de VS. Het bureau McKee Wallwork Cleveland uit Albuquerque (het Gemert van de Verenigde Staten) bijvoorbeeld bedacht 10 jaar geleden al het Super Bowl Commercial Ratings spel: adbowl.com. Duizenden unieke bezoekers en dat al tien jaar op rij. Hun motto: het is niet de grootte van je bureau die telt, maar de ideeën die je hebt en het bewijs dat ze werken.

Dat is natuurlijk hartstikke logisch.

Het is tevens de crux van het reclameverhaal. Als klein(er) reclamebureau worstelt ook david met die crux. Je weet dat je het vermogen tot goede ideeën hebt, maar hoe te overtuigen? Oftewel, hoe laat je potentiële opdrachtgevers weten dat je er bent en dat je goed werk levert?

Goed werk maken is één. Maar je moet je werk soms wel een zetje geven richting een groter publiek en de bescheidenheid die je als klein(er) bureau hebt van je afwerpen.

Het Super Bowl Commercial Rating spel is daar een mooi voorbeeld van. Overtuigen met een goed idee, op een onderscheidende en onvergetelijke wijze. Zo laat je zien dat je als bureau inderdaad beschikt over het vermogen om goede ideeën te ontwikkelen.

McKee Wallwork Cleveland heeft weten te overtuigen. Coca Cola, CNN, McDonalds, Ritz-Carlton en Du Pont: ze staan allemaal op de klantenlijst.

Bekend is het verhaal van het bureau dat zichzelf ophief, zich een dag lang in volledige stilte hulde, vervolgens reclameerde dat het allemaal een grap was en onder dezelfde naam bleef bestaan. Dat idee pakte verkeerd uit. Maar was het daarom slecht? De buzz omtrent de actie was immers niet te missen.

Een andere manier om jezelf als bureau op de kaart zetten is reclame maken voor jezelf. De brandingstrategie, gebruikmakend van traditionele middelen zoals de advertentie (aangevuld met een social media acties). Awareness creëren heet dat met een mond vol, werken aan je merkwaarde.

Overtuigd door de gedachte dat de grote bureaus niet onaantastbaar zijn, trapte david recentelijk een eigen vakbladcampagne af. Daarvoor hebben we handig gebruikgemaakt van enkele grote reclamenamen. Niet om deze bureaus naar de kroon te steken, maar om in hun slipstream ons werk te kunnen delen met zoveel mogelijk partijen. Wie klein(er) is moet slim zijn. Een strategie die perfect past bij een naam als david.

Benieuwd hoe dat uitpakt? We houden het scherp in de gaten.

Een Zweeds meubelmerk stangen

Er is niks mis met een beetje tegen de schenen schoppen van de grote jongens maar dan moet je daarna niet meteen wegrennen. Dat is wat meubelketen Woonexpress gedaan heeft met zijn nieuwe reclamecampagne. Wel een sneer uitdelen aan een zeker reusachtig Zweeds meubelmerk maar vervolgens niet over de brug komen met de aantoonbare voordelen van jouw producten. Dat wringt.

Woonexpress stangt Ikea

De campagne moest bovenal spraakmakend zijn, zo lazen we in een advertentie die het betreffende reclamebureau liet plaatsen. Een warrig woord, spraakmakend. Je hebt verschillende lagen van spraakmakendheid. Platte humor is daar een van. Dat kan prima werken mits je goed voor ogen houdt wat er vervolgens gebeurt met je merk en je reputatie.

Jezelf profileren als een echt Nederlands merk past misschien goed in deze tijd, met een aantoonbaar voordeel komt Woonexpress echter niet. De meubels zijn niet goedkoper, niet beter, niet mooier, niet makkelijker in elkaar te zetten en niet duurzamer.

Wat is dan mijn ‘reason to buy’?

Een dergelijke brutale campagne tegen een merk zo sterk als dat van het reusachtige Zweedse meubelmerk kan dus bijna alleen maar averechts werken. Het reusachtige Zweedse meubelmerk zal hier overigens niet op gaan reageren. Geen reden toe, de consument weet heus zelf wel te filteren.

Bovendien, het Zweedse merk heeft in Nederland heel veel trouwe fans die best tegen een grapje kunnen, zolang het niet negatief is (de kop Kill Billy), onsympathiek (het woord oppleuren) of onterecht is. Het reusachtige Zweedse meubelmerk heeft niemand iets misdaan dus waarom deze sneer? Oftewel, beledig je het reusachtige Zweedse meubelmerk dan is er een grote kans dat je ook zijn trouwe fans beledigt.

Dat de verkoopformule van Woonexpress gekopieerd lijkt te zijn van het reusachtige Zweedse meubelmerk helpt niet. Eerst nadoen, vervolgens ertegenaan schoppen? Een dergelijke brutale houding creëert verwachtingen: laat maar eens zien dan, jullie brutale apen. Benieuwd hoe Woonexpress dit in zijn winkels gaat waarmaken.

Vroeger kon je slechte ideeën nog wel eens verhullen onder het adagium: beter negatieve aandacht dan helemaal geen. Dat kan anno 2010, in een tijd van florerende social media en kritische, welbespraakte consumenten die elkaar meer vertrouwen dan de reclameboodschap van welk een merk, een doodsteek zijn voor je reputatie. Je merkreputatie is namelijk je grootste goed. Aan die van Woonexpress kleeft nu een vies smaakje.